Cisco Annual Internet Report

Samenvatting

In 2023:

  • Zullen 5G snelheden 13x hoger zijn dan de huidige gemiddelde mobiele connecties;
  • Zal 66% van de wereldwijde bevolking toegang hebben tot internet – wat neerkomt op een internet community van 5,3 miljard mensen;
  • Gaat de gemiddelde breedbandsnelheid omhoog van 46 Mbps naar 110 Mbps;
  • Groeit tussen 2020-2023 het aantal Wi-Fi 6 hotspots 13-voudig, tot 11% van alle publieke wifi-hotspots.

Volgens het Cisco Annual Internet Report dat vandaag is verschenen zal 5G tegen 2023 meer dan 10% van de mobiele verbindingen in de wereld ondersteunen. De gemiddelde 5G-snelheid zal 575 megabit per seconde bedragen, ofwel 13 keer sneller dan de huidige gemiddelde mobiele verbinding. Met geavanceerde prestatiemogelijkheden zal 5G meer dynamische mobiele infrastructuren leveren voor AI- en opkomende IoT-toepassingen, waaronder zelfrijdende auto’s, smart cities en digitale gezondheidszorg.

In de afgelopen 50 jaar is er elk decennium een innovatieve mobiele technologie geïntroduceerd. De vraag naar mobiele bandbreedte is geëvolueerd van spraakoproepen en sms-berichten naar ultra-high-definition (UHD) video en een verscheidenheid aan augmented reality en virtual reality toepassingen. Wereldwijd blijven consumenten en zakelijke gebruikers hun behoeften en verwachtingen voor mobiele netwerken opschroeven. Deze trend wordt duidelijk benadrukt door de acceptatie en het gebruik van mobiele applicaties. Sociale netwerken, videostreaming en downloads, zakelijke productiviteit, e-commerce en gaming zullen de groei van mobiele applicaties doen stijgen naar bijna 300 miljard downloads in 2023.

“We zien in ons onderzoek een voortdurende toename van het aantal internetgebruikers, apparaten, verbindingen en meer druk op het netwerk dan we ons hadden kunnen voorstellen”, zegt Roland Acra, Senior Vice President en Chief Technology Officer bij Cisco. “De inzichten en kennis die we met ons jaarlijkse internetrapport op doen, helpen serviceproviders wereldwijd om hun netwerken voor te bereiden op de continue groei van het aantal verbindingen. Verder geeft het rapport inzicht in de beste kansen voor serviceproviders om hun technologische innovaties en strategische investeringen te benutten.”

Cisco Annual Internet Report Highlights (2018-2023)

Het Cisco Annual Internet Report heeft betrekking op mobiele netwerken en Wi-Fi- en vaste breedbandnetwerken met kwantitatieve prognoses over de groei van het aantal gebruikers, apparaten en verbindingen, alsook netwerkprestaties en relevante trends over de prognoseperiode 2018 – 2023.

  1. Voorspellingen voor wereldwijd gebruik van mobiel en internet in 2023
    • Meer dan 70 procent van de bevolking wereldwijd (5,7 miljard mensen) heeft mobiele connectiviteit (2G, 3G, 4G, of 5G).
    • 66 procent van de wereldwijde bevolking (5,3 miljard mensen) gebruikt het internet.
  2. Voorspellingen voor aantallen apparaten en verbindingen in 2023
    • Per persoon hebben we 3,6 met internet verbonden apparaten en ongeveer 10 apparaten/verbindingen per huishouden.
    • Bijna de helft (47%) van de apparaten en verbindingen ondersteunt video.
    • Machine-to-machine (M2M) verbindingen die een breed scala aan IoT-applicaties ondersteunen, vertegenwoordigen de helft (14,7 miljard) van de totale hoeveelheid apparaten/connecties.
  3. Prognose voor mobiel gebruik in 2023
    • 45% van alle apparaten heeft een mobiele verbinding (3G en lager, 4G, 5G, of Low Power Wide Area (LPWA)) en 55% is aangesloten via wifi.
    • 10,6% van de totale hoeveelheid mobiele connecties zullen gebruikmaken van 5G, vergeleken met 0,0% in 2018.
    • In 2023 loopt wereldwijd 14.4% verbindingen via LPWA, vergeleken met 2,5% in 2018.
  4. Prognose voor wifi wereldwijd in 2023
    • Wereldwijde wifi-hotspots groeien van 2018 tot 2023 met een factor 4. Tegen 2023 zijn er bijna 628 miljoen publieke wifi-hotspots wereldwijd, vergeleken met 169 miljoen in 2018.
    • Wereldwijd groeit van 2020 tot 2023 het aantal Wi-Fi 6 hotspots met een factor 13, wat neerkomt op 11% van alle publieke wifi-hotspots in 2023.
  5. Prognose in netwerkprestaties (mobiel, wifi, vast breedband) in 2023
    • Wereldwijd zijn mobiele connecties gemiddeld meer dan drie keer zo snel, een toename van 13 Mbps (2018) naar 44 Mbps (2023).
    • Wifi-connecties zijn gemiddeld wereldwijd meer dan drie keer zo snel, een toename van 30 Mbps (2018) naar 92 Mbps (2023).
    • Vaste breedbandconnecties zijn wereldwijd gemiddeld meer dan twee keer zo snel, een toename van 46 Mbps (2018) naar 110 Mbps (2023).
  6. Wereldwijde cybersecurity-trends tot en met 2019
    • De frequentie van DDoS-aanvallen neemt wereldwijd met 39% toe.
    • Piekomvang van aanvallen neemt wereldwijd elk jaar toe met 63%.
    • Gemiddelde omvang van DDoS-aanvallen is 1 Gbps (23% heeft een grotere omvang); aanvallen tussen 100 Gbps en 400 Gpbs laten jaarlijks een groei zien van 776%.

Cisco Annual Internet Report Forecast

Het Cisco Annual Internet Report is een wereldwijde, regionale en landelijke prognose/analyse die de digitale transformatie beoordeelt en dient als vervanging voor de Cisco Visual Networking Index (VNI) Forecast. Het rapport heeft betrekking op vaste breedband-, Wi-Fi- en mobiele (3G, 4G, 5G) netwerken. Kwantitatieve projecties worden verstrekt over de groei van het aantal internetgebruikers, apparaten en verbindingen, evenals netwerkprestaties en nieuwe applicatie-eisen. Er worden ook kwalitatieve analyses verricht en beoordelingen gegeven op vier strategische gebieden: applicaties, veiligheid, transformatie van de infrastructuur en het versterken van medewerkers en teams.

Cisco Annual Internet Report Methodologie

Het Cisco Annual Internet Report voor 2018 tot 2023 is gebaseerd op onafhankelijke analistenprognoses en het eigen intellectuele eigendom van Cisco. Een gedetailleerde methodologiebeschrijving is opgenomen in het complete rapport. Het Cisco Annual Internet Report (net als zijn voorganger, de Cisco VNI-voorspelling) is bedoeld om geloofwaardige industriestatistieken voor internetgroei te bieden aan nationale overheden, netwerkbeheerders, academische onderzoekers, telecommunicatiebedrijven, technologie-experts en analisten over de hele wereld.

Meer informatie

Benieuwd naar meer informatie? Bezoek een van de onderstaande bronnen.

Posted in Uncategorised

Wi-Fi Alliance launches Wi-Fi 6E name for Wi-Fi products using 6 GHz band

from: Telecompaper

The Wi-Fi Alliance has introduced a new term for Wi-Fi products that can operate in the 6 GHz band: Wi-Fi 6E. The US is expected to be the first market to approve use of the new frequency band for Wi-Fi applications, in order to relieve congestion in the existing 2.4 and 5 GHz ranges. Several countries in Europe and Asia are also considering opening up the frequencies. 

The 6 GHz band addresses Wi-Fi spectrum shortage by providing contiguous spectrum blocks to accommodate 14 additional 80 MHz channels and seven additional 160 MHz channels. These are needed for high-bandwidth applications that require faster data throughput such as HD video streaming and virtual reality, the Wi-Fi Alliance said. Wi-Fi 6E devices will leverage wider channels and additional capacity to deliver greater network performance and support more Wi-Fi users at once, even in very dense and congested environments. 

WifiForward, the industry group working on opening up more spectrum to Wi-Fi services, said the announcement showed that industry will be unleashing “even more” innovation in the 6 GHz band, as soon as the FCC can make it available for technologies like Wi-Fi. “Unlicensed spectrum stands out as one of the FCC’s most successful policy experiments ever. By allowing permissionless innovation in a band of spectrum, we’ve seen billions of dollars of economic value created, millions of people and devices connected and terabytes of critical data sent via technology like Wi-Fi,” WifiForward said.

Een derde Nederlanders gebruikt WiFi vaker sinds 4G-abonnement

bron: Telecompaper, 14 maart 2019

Het aantal respondenten dat zegt even veel gebruik te blijven maken van WiFi-toegang tot internet, is evenmin veranderd. In januari 2019 kwam dat uit op 48 procent, vergelijkbaar met de cijfers uit de voorgaande twee peilingen. Nog eens 15 procent gaf in januari 2019 aan dat zij minder gebruik zijn gaan maken van WiFi nadat zij toegang kregen tot een 4G-netwerk.

33 procent van de Nederlanders zegt dat zij vaker gebruik maken van een WiFi-netwerk sinds ze een mobiel abonnement hebben dat toegang biedt tot 4G. Dat blijkt uit onderzoek van Telecompaper op basis van het Consumer Insights-panel.

Vaker video kijken

Respondenten kregen ook de vraag welke activiteiten zij vaker, even vaak of minder vaak zijn gaan ondernemen sinds zij gebruik maken van een 4G-netwerk. Bij de meest recente peiling blijkt dat 22 procent vaker video’s is gaan bekijken via bijvoorbeeld YouTube of Facebook. 10 procent is vaker video’s gaan uploaden en 14 procent ging vaker films en series streamen op de smartphone (via diensten zoals Netflix of Videoland). Nog eens 16 procent stelde dat zij meer naar streaming muziek waren gaan luisteren.

Enkele opvallende verschillen met de peiling uit augustus 2018 zijn er wel. Zo gaf destijds 5 procent aan via hun smartphone vaker video’s te uploaden sinds ze gebruik kunnen maken van een 4G-netwerk (tegen 10% in januari 2019). 9 procent stelde in augustus vorig jaar dat ze vaker video zijn gaan streamen. Verder gaven meer mensen in januari 2019 aan dat zij even vaak films/series en muziek streamen dan in augustus 2018.

De foodhal is in trek, maar het kan ook snel mis gaan

bron: Het Financieele Dagblad 12 juli 2018

De teller stond vier jaar geleden op nul, inmiddels telt Nederland dertien eethallen. Nederland is foodhal-gek, al vallen de eerste locaties alweer om.

Dozensjouwers lopen af en aan met kartonnen pakketten, twee dames stofzuigen de betonvloer en de net afgeleverde biertaps staan ietwat verloren in een zee van ruimte. Op de begane grond van Pakhuismeesteren, een monumentaal gebouw op de Kop van Zuid, wordt hard gewerkt aan de komst van Foodhallen Rotterdam. De vraag is: heeft de stad plek voor nog een foodhal? De met veel bombarie geopende Markthal gaat gebukt onder tegenvallende inkomsten en een andere, Marché 010, sloot de deuren in juni.

Horeca-ondernemer Chong Chu bij het monumentale Pakhuismeesteren op de Kop van Zuid in Rotterdam. Later deze zomer openen daarin Foodhallen Rotterdam, een vestiging (217 kamers) van het Spaanse Room Mate Hotels en verschillende winkels.Foto: Bart Hoogveld voor het FD

Nog niet verzadigd

Een paar jaar geleden was het een onbekend fenomeen, inmiddels telt Nederland dertien foodhallen. Plus de overdekte versmarkten, beter bekend als markthallen, en zogenoemde mixconcepten, komt het totale aantal uit op twintig locaties. Er komt meer aan: er zijn plannen voor foodhallen in onder meer Arnhem, Groningen en Breda.

Dan nog is de landelijke markt niet verzadigd, zegt Guido Verschoor van horeca-adviesbureau Van Spronsen & Partners. Hij verwacht dat veel grote steden de komende jaren een foodhal krijgen. ‘In de echt grote steden plek is zelfs plek voor meerdere.’

Losser dan restaurants

Foodhallen zijn in trek omdat ze meer bieden dan alleen eten, denkt Verschoor. Lezingen, speelkasten, muziekoptredens. ‘Er gebeurt van alles om je heen als bezoeker. Die extra reuring, dat vinden mensen leuk’, zegt hij. De sfeer is losser dan in een restaurant. Hier bewegen mensen zich vrijer. Ze halen bij verschillende standjes eten en ze kunnen wisselen van zitplek. In een restaurant focus je alleen op je eigen tafel en word je bediend.

Vooral jongeren gaan graag naar foodhallen. ‘Daar kunnen ze informeler met groepen samen zijn, zonder stijf aan tafel te zitten’, zegt Jan-Willem Grievink, ceo van het FoodService Instituut Nederland (FSIN). Bovendien zijn foodhallen nieuw en hip en ze stellen jongeren in staat ‘leuke dingen te beleven’.

Voormalige tramremise

Rustig wandelt mede-eigenaar Chong Chu (37) – zwart shirt, beige broek en sneakers met tijgerprint – rond over de 1.000 vierkante meter tellende vloer waar Foodhallen Rotterdam binnenkort opent. Chu was de eerste in Nederland die met een foodhal begon. Vier jaar geleden opende hij met een aantal vrienden Foodhallen Amsterdam, een verzameling eettentjes onder één dak en dezelfde naam in een oude tramremise in Oud-West.

Met succes. In 2017 kwamen er 650.000 betalende bezoekers, 65% van buiten Amsterdam. Gemiddeld besteden gasten €15 tot €20 euro. ‘We groeien vanaf dag één’, vertelt Chu. ‘Ik had verwacht dat de rek er inmiddels uit zou zijn, maar het zet nog steeds door.’ Dan lachend: ‘In het begin kende niemand ons en was het lastig om de eettentjes snel vol te krijgen. We waren blij met iedere nieuwe huurder. Nu zijn we een stuk kritischer.’

Oude paardrijdzadels en boomstronken

De opening van Foodhallen Amsterdam inspireerde andere ondernemers; ze ontwikkelden in rap tempo soortgelijke concepten, elk met eenonderscheidend onderdeel. Food Explore in Utrecht positioneert zichbijvoorbeeld als een ‘all you can eat’ variant met twintig keukens, terwijl de Twentsche Foodhall in Enschede zich richt op duurzaamheid met lokale ingrediënten, producten zonder bestrijdingsmiddelen en vintage meubilair (bij het ribhouse dienen oude paardrijdzadels en boomstronken als stoelen).

Het verdienmodel zit op bijna alle plekken als volgt in elkaar: deondernemers achter de foodhal runnen een centrale bar, de eettentjesworden verhuurd. De huurders betalen vaste servicekosten per maand en dragen een percentage van hun omzet af. Het voordeel is dat de eigenaar de huur van slecht scorende eettentjes kan opzeggen of huurders verwijderen als ze zich niet aan de regels houden.

Concurrentie van foodtrucks

Het gaat niet altijd goed. Hoewel Nederlanders jaar op jaar meer uit geven aan eten buiten de deur – dit jaar verwacht het FSIN een recordbedrag van €1163 per persoon – hebben de eerste foodhallen de deuren alweer gesloten. Amicitia Food Village in Amersfoort gooide binnen een jaar de handdoek in de ring. De locatiekeuze midden in een winkelgebied bleek ongelukkig; ‘s avonds zijn de winkels gesloten en dat deed de toestroom van klanten geen goed.

Marché 010 in Rotterdam stopte wegens een gebrek aan diversiteit van kramen, wisselende kwaliteit van het eten en een trage bezoekersaanloop. En ondanks acht miljoen bezoekers op jaarbasis hebben ondernemers in de Markthal in diezelfde stad moeite hun hoofd boven water te houden. Het imposante gebouw trekt vooral dagjesmensen en die kopen vrijwel niets.

Historische gebouwen

Ook is er concurrentie van foodtrucks en bijbehorende festivals, een soort foodhallen in de open lucht. Die lokken vooral in de zomermaanden mensen weg bij de eethallen. Ook het reguliere horeca-aanbod dijt snel uit. Het aantal stoelen groeit harder (15% per jaar) dan de omzet (5 %), aldus FSIN. Kortom: de strijd om de klant is fel.

Ondernemer Chong Chu: ‘Alleen in een historisch gebouw in een grote stad heb je genoeg aanloop.’

Ondertussen kijkt Chu naarnieuwe locaties. Samen met zijn compagnons wil hij nog twee of drie nieuwe foodhallen openen. Ieder in een historisch gebouw in een andere grote stad. ‘Alleen daar heb je genoeg aanloop.’ Elkevestiging krijgt een local touch. In Rotterdam zal het interieur verwijzen naar oude scheepskantines en in het vloerontwerp bij de hoofdentree zullen maritieme vlaggen terug te zien zijn. ‘Maar wel subtiel, het moet er niet te dik bovenop liggen.’

Overzicht van foodhallen in Nederland:

https://bnrnieuwsradio.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index.html?id=2e9616f5829644b9b00955d94d322225&mobileBreakPoint=300

Wat kan de modesector leren van de boekhandel 2.0?

Dit artikel is geschreven door Rixt de Jong, consultant, van Bureau RMC .

In een aantal jaar tijd zijn, tussen het geweld van het internet waar spelers als Bol.com domineren, veel boekhandels in Nederland getransformeerd naar mooie winkels waar consumenten graag komen en kopen. Boekhandelaren hebben een goed antwoord weten te vinden op de structurele veranderingen in de markt. De on- en offline verkoop gaan hand in hand, want zij weten als geen ander dat het niet het één of het ander is. Ook in de modesector is online niet meer weg te denken. Daarom belicht Bureau RMC graag wat de deze sector kan leren van de boekensector.

Harde klappen

De boekensector kreeg als één van de eerste sectoren de harde klappen te verwerken van de opkomst van online winkelen. In de periode van 2007 tot en met 2014 verdwenen maar liefst 200 van de 1000 boekwinkels uit het Nederlandse straatbeeld. De belangrijkste reden om offline te kopen, namelijk een product beoordelen en proberen, gaat voor een boek niet op. In tegenstelling tot een kledingstuk, dat men wil voelen en passen, is bij het kopen van een boek vooral de inhoud belangrijk. Tel daar de opkomst van e-books bij op en dan snapt iedereen dat de boekensector een megaverandering achter de rug heeft.

Van boekhandel 1.0 naar 2.0:

Menig fysieke boekhandel verweerde zich echter kranig en sloeg terug. Zo ging men op zoek naar de toegevoegde waarde om de klant beter aan zich te binden. Naast het uitgebreide assortiment boeken dat direct te koop of te bestellen is, worden er debatten georganiseerd, houden inspirerende gasten lezingen en kan horeca het bezoek van de klant verlengen. De horeca trekt zelfs winkelend publiek naar binnen dat geen bezoek aan de boekwinkel had gepland. De boekhandel is geen winkel meer waar de klant alleen nog binnenkomt als hij weet wat hij wil kopen, maar een plek waar hij wil zijn en verblijven.

Mooie voorbeelden: Paagman en Livraria Lello

In Nederland zijn veel boekwinkels geslaagd in deze transformatie. Paagman, met twee vestigingen in Den Haag en in 2017 uitgeroepen tot retailondernemer van het jaar, organiseert maar liefst 200 publieksactiviteiten per jaar, heeft een apart deel voor de allerkleinsten genaamd ‘Villa Paagman’ en een eigen café met zelfgebakken taarten. Hun motto: fysieke boekhandels hebben de toekomst als je durft om dingen te blijven proberen. Soms lukken dingen en soms niet. Ondernemen is het belangrijkste. Innoveren en investeren.

Ook over de landsgrenzen zijn bijzondere boekwinkels te vinden. Zoals Livraria Lello in Porto. Deze boekwinkel behoort tot één van de mooiste boekwinkels ter wereld. Het overweldigend interieur in gotische stijl met een prachtig glas-in-lood-raam in het plafond en een bijzondere organische trap in het midden van de ruimte die leidt naar de eerste verdieping maken deze winkel tot ware trekpleister voor onder andere toeristen. Het verhaal gaat dat een aantal onderdelen uit deze boekhandel een inspiratie is geweest voor J.K. Rowling bij het schrijven van de Harry Potter verhalen. Livraria Lello vraagt inmiddels entreegeld dat overigens wel als korting dient bij de aanschaf van een boek.

Tips voor de modesector

Wat kan de modesector leren van de boekhandel 2.0? Een aantal tips en tricks met de transformatie van de boekhandel in gedachte:

Tip 1. Doelgroep binden

Boekhandelaren weten inmiddels hoe ze hun doelgroep nog meer aan zich kunnen binden door bijvoorbeeld actuele schrijvers uit te nodigen. Waarom niet een ontwerper laten vertellen over de nieuwste trends in de winkel of de modetips laten belichten door een vlogger? Met horeca wordt in de boekwinkel een plek geboden waar boeken rustig kunnen worden bekeken. Een goede tip voor de modesector, die al op menig plek wordt geprobeerd en helaas op wat juridische bezwaren stuit. Het belang van de consument moet centraal staan. Waar heeft de doelgroep interesse voor? Zoek zowel wel in assortiment als in evenementen de diepte op.

2. Personeel in hun kracht

Veel boekhandelaren maken de omslag van bibliofiel naar gastheer. Ze worden steeds klantgerichter en verwachten dit ook van hun personeel. Het internetprincipe ‘als je van dit boek houdt, moet je hier ook eens naar kijken’ krijgt met goed personeel ook vorm in de fysieke winkel. Personeel binnen de modebranche zou ook de combinatie moeten zoeken tussen het overbrengen van passie voor mode en de (latente) wensen van de consument. Uit het cross-channel retail onderzoek van ABN Amro blijkt namelijk dat, na het beoordelen van het product en plezier hebben tijdens het winkelen, deskundig en professioneel advies op nummer drie van redenen staat om offline te winkelen.

3. Investeer in service

Voor boekhandels zijn de tijden voorbij dat een winkelier tegen een klant kon zeggen dat een boek niet op voorraad is en dat bestellen dagen kost. Dit is immers geen optie meer met Bol.com met dezelfde-dag-levering als alternatief. Het lijkt voor de hand te liggen om de juiste dienstverlening te bieden, maar het staat niet altijd bovenaan het lijstje voor retailers. Elke bezoeker moet een klant zijn of tenminste een klant waar je later een relatie mee op kan bouwen via e-mail of social media. Zorg dat de consument met een bovengemiddeld positief gevoel de winkel verlaat, laat zien dat je hem kent en herkent, want persoonlijke ervaring wordt steeds belangrijker in het keuzeproces voor een winkel.

De boekhandel heeft duidelijk laten zien dat er toekomst is voor de boekhandel 2.0. en dat de consument de fysieke boekwinkel blijft omarmen. We roepen de modesector op goed naar andere sectoren te kijken om vast te stellen hoe de modewinkel van de toekomst eruit zal zien.

Augmented Wi-Fi: Driven by AI

from: thetechfool.com, Ajay Malik

‘Hey, what is your Wi-Fi password?’, People ask me when they come to my home almost within first few minutes.  And, I either give them my Wi-Fi Network Name/password or configure it on their device. But, then there is so much of risk! I essentially connect them to my local network.  If there is a “hacker” software on their device, it can perhaps start figuring out what is breakable in my home network. It can probably hack my network in more ways than I can imagine.  What if it can access my “identity,” my “social security number,” “bank accounts,” “passwords” etc.  Let us not even go there.

Or, consider the scenario when I am not at my home.  I look for a Wi-Fi Networks around me and make assumptions.  I assume that the ‘Name’ that sounds reasonable must be the one provided by the owner of those premises.  For example, when I am at San Francisco International Airport, I use #SFO_Free_WiFi and trust that it is correct one. My kids use it too and here goes my parental control. They now roam uncontrolled. And, don’t forget that we have to accept/agree to every privacy violation the Wi-Fi provider wants us to opt-in. Remember the London incident where when people connected to the public free hotspot, the terms and conditions included a “Herod clause” promising free Wi-Fi but only if “the recipient agreed to assign their first born child to us for the duration of eternity”. Six people signed up!

Not only that, each Wi-Fi network is a separate private network. My home network, my office network, hotel network, or any coffee shop network etc. are all separate networks. When my wife calls me when I am in another city and if she is having problem with the home Wi-Fi, I can’t help because I am on a network which is different from my Wi-Fi network at home. Most of us are turning into Wi-Fi engineers to configure Wi-Fi at home. Have you seen the web pages that show up when you configure the Wi-Fi access points from WPLink, Linksys, NetGear etc. EeroGoogle, and other companies, have tried to create mobile apps or simplified versions but they go only so far too.

All these problems are solvable by making use of sophisticated tools, understanding what client isolation means, identity management software, Cloud-based Wi-Fi networks, VPN setups, etc.

It has reached the masses but still, needs an engineer to configure or operate.

And, if you take a moment, in this age when its all about mobility, SSID is something that is tying you to a location, tying you to the “premises”, tying you to the “owner of the premises.”  The need to connect with a SSID to get Wi-Fi access needs to go away. In this IOT world, this is even more important than anything else. Over 50 billion devices to be connected in next five years and many of them will be connecting over Wi-Fi. Configuring each device or every IOT gateway with Wi-Fi configuration parameters is just not practical.

Last year, I wrote that Artificial Intelligence will revolutionize Wi-Fi. I had mentioned how machine learningcan help with user experience or network operation. I strongly believe that brainwaves can be used to augment human experience of the Wi-Fi network and eventually, internet. And, another area where AI will help is seamless identity based login and user’s control on the policy. AI will help us to create a Wi-Fi network that follows the user, follows the device, and requires no SSID to connect. A Wi-Fi network that is so smart, it will enable the “access” based on who you are, what you are, or what your intentions are and not who the owner of premises is. The concept of SSID as we know today will go away.  This is what I call Augmented WiFi. Artificial intelligence augmented Wi-Fi. Augmented Wi-Fi will not just help with user experience or network operation; it will also enable seamless login and user policy control.

It all began with SSID

Every time I look at SSID, the quote from Dr. Seuss comes to my mind.

It all began with a shoe on the wall. A shoe on the wall shouldn’t be there at all – Dr. Seuss

Every wireless network has a name and Service Set Identifier (SSID) is simply the technical term for that name. A wireless device (client) must use SSID (this network name) and the corresponding password (if any) to connect to access the resources of the traditional wired network behind the Access Point. The wired network can be an organization intranet or the Internet, depending on the placement of the Access Point.

SSID also enables multiple independent wireless networks to coexist in the same physical area. It is a very common to have a separate SSID for guest users versus employees, for example.

This has been the architecture from the ‘day one’. What goes on behind that SSID is going to vary wildly depending on the environment in play. The SSIDs are defined by the owner/administrator of the Wi-Fi Access Point and the policies, the security, the privacy, the data collection, roaming, everything is controlled by the owner/administrator of the Wi-Fi Access Point.

To paraphrase Rousseau, man is born free, yet everywhere he is caged. The free movement is curtailed by the arbitrary lines known as borders. And, SSID is yet another border!

In Augmented Wi-Fi, when a user enters a premise, the user’s device is automatically connected to the user’s private network segment that has the policies as set up by the user. It is done based on user biometrics or something else. I could not have asked for a better ID than the Face ID in iPhone X. User gets the experience, the user has opted in for. User doesn’t have to succumb to idiosyncratic agreements desired by the owner of the premises. Owner of premises does not control anything around Wi-Fi. It becomes free. The user does not have to ask SSID or password. In fact, the SSID is not even advertised by the Access Points. A user is always in the user’s private network.

As a user may have multiple identities, for example, at home, as an employee at work, a volunteer at a non-profit or so on, the user can be part of multiple private networks although the user does not feel it.

Yes, some end goals like this have been thought as part of HotSpot standards also but they have been lost in the SSIDs or Cloud-based Wi-Fi. You can think of Augmented Wi-Fi as the next evolution of Wi-Fi. It will enable the consistent experience, remove configuration, better privacy, security, air utilization and a true borderless experience.

EEN URL LEZEN IS NIET ZO SIMPEL ALS HET LIJKT

bron: fraudehelpdesk.nl

Valse websites hebben steeds vaker een webadres dat heel betrouwbaar lijkt. Hoe kun je toch ontdekken dat een URL vals is?

Ooit was het nog eenvoudig om onbetrouwbare webadressen te ontdekken. Ze waren bijvoorbeeld niet voorzien van een groen slotje of URL die begon met https. En dat terwijl het zogenaamd om de website van een bank zou gaan. Als oplettende bezoeker wist je dan dat het foute boel was.

Ook werd klanten van banken geleerd dat ze goed moesten opletten hoe het eerste deel van de link eruit zag. Zaten ze wel op bankieren.bankvanu.nl of mijn.bankvanu.nl? Pas als dat het geval was konden ze veilig inloggen.

Moeilijker
Helaas zijn oplichters gehaaider geworden. Dat maakt het noodzakelijk dat internetgebruikers beter opletten waar ze hun gegevens invullen. Dat komt doordat:

– Ook valse sites regelmatig voorzien zijn van een groen slotje en een https-URL
– De URL er ook heel betrouwbaar uitziet

Daar komt nog bij dat valse sites er vaak prima uitzien. Bezoekers zijn dan onvoldoende op hun hoede.

Een URL goed lezen
Toch is het nog steeds mogelijk een valse URL te ontdekken. Om uit te leggen hoe u dat het beste kunt doen beginnen we met een voorbeeld:

Voorbeeld 1: https://www.example.nl

Dit adres bestaat uit drie onderdelen:

1. http:// of https://

2. www.

3. example.nl

Onderdeel van de hostnaam is het zogeheten top-level domein. In dit geval is dat .nl. Varianten hierop zijn .com, .org of .be.

Helaas zijn sommige URL’s niet zo overzichtelijk. Daar maken oplichters misbruik van. Via valse e-mails of berichten op WhatsApp zouden zij de volgende link kunnen verspreiden:

Voorbeeld 2: https://www.belastingdienst.nl.example.nl/www.bankvanu.nl/inloggen.html

Dit adres bestaat uit vijf onderdelen:

1. http:// of https://

2. www.belastingdienst.nl

3. example.nl

4. www.bankvanu.nl/

5. inloggen.html

Oplichters maken URL’s onoverzichtelijk door het subdomein te voorzien van bekende domeinnamen. Wie snel kijkt naar het adres in voorbeeld 2 denkt naar www.belastingdienst.nl te gaan. Wat u niet direct doorheeft is dat het echte domein example.nl is.

Om dit te ontdekken is het handig als eerste te letten op alles tussen https:// en de eerste / in het adres. In dit geval is dat: www.belastingdienst.nl.example.nl. Vervolgens is het goed om te weten dat het echte domein altijd achteraan staat. Het helpt dus om zo’n adres van achteren naar voren te lezen. Wie dat doet ziet dat het domein example.nl is en het subdomein www.belastingdienst.nl. Staat er geen / in de URL? Dan kunt u helemaal achteraan beginnen met lezen.

Ook legale bedrijven als banken gebruiken de mogelijkheden die een subdomein biedt. Zoals eerder vermeld gebruiken banken URL’s als bankieren.bankvanu.nl of mijn.bankvanu.nl.

Uit voorbeeld 2 blijkt dat ook een map op de website gebruikt kan worden om mensen te misleiden. Deze map kan de naam gegeven worden van een bestaand bedrijf, zoals die van uw bank. Dat geldt ook voor de naam van een bestand op de website. In dit geval is dat inloggen.html. Hierdoor kan een snelle of slordige lezer al gauw denken dat hij via deze link kan inloggen op zijn internetbankieren. En dat is precies wat een oplichter graag wil.

Tips op een rij
Het is dus lang niet altijd eenvoudig om een URL goed te lezen. De volgende drie tips kunnen u hierbij helpen:

– Kijk niet alleen naar waar een URL mee begint. Beter is te letten op het stuk tussen https:// en de eerste / die u ziet.

– Lees dat gedeelte vervolgens van achteren naar voren. Dat komt u er snel achter wat het hoofddomein is. Staat er geen / in de URL? Dan kunt u helemaal achteraan beginnen met lezen. U kunt dan bepalen of u zich bevindt op de site die u zocht.

– Trap niet in de subdomeinen die lijken op een bekend webadres. Zo’n subdomein komt u misschien bekend voor, maar hoeft niks te maken te hebben met het werkelijke domein dat u bezoekt (denk aan voorbeeld 2). Onlangs waarschuwden we voor een valse website van de Belastingdienst. De URL die gebruikt was luidde:

http://www.belastingdienst.nl.35162844.idealbetaling.pw

Dat lijkt de website van de Belastingdienst. Maar nu weet u dat het werkelijke domein idealbetaling.pw is.

Kabinet wil dat consument eigen router kan kiezen bij telecomabonnement

bron: NU.nl

Het kabinet wil dat consumenten de keuzevrijheid krijgen om hun eigen modem, router of tv-ontvanger te gebruiken, als zij een vast telecompakket afnemen.

Nu gebruiken de meeste Nederlanders nog apparatuur die standaard wordt meegeleverd door de provider. Meestal bieden telecomaanbieders hier geen keuze in.

Woensdag begint een internetconsultatie over een nieuwe beleidsregel die de keuzevrijheid in de wet zal verankeren. Het blijft wel mogelijk dat providers tegen betaling apparatuur blijven leveren, maar medio 2018 moeten klanten ook de mogelijkheid krijgen om te kiezen voor hun eigen apparatuur.

Een woordvoerder van het ministerie van Economische Zaken zegt te verwachten dat er meer concurrentie zal ontstaan op de telecommarkt, en dat providers korting zullen geven aan klanten die geen apparatuur afnemen bij hun abonnement. Ook moet de routermarkt competitiever worden door de maatregel.

Belanghebbenden krijgen tot halverwege februari om te reageren op het voorstel. Daarna neemt staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat) een definitief besluit.

Privénetwerk

Volgens Keijzer maken modems, routers en tv-ontvangers deel uit van een privénetwerk. “Daar hoort bij dat je zelf mag kiezen welke apparatuur daarop het best past bij jouw wensen, bijvoorbeeld op het gebied van privacy. Net zoals dat je zelf kunt kiezen welke mobiele telefoon of welk merk televisie je koopt. Hieraan is behoefte bij consumenten en het stimuleert bovendien dat meer aanbieders van deze apparaten toegang tot de markt hebben.”

Het mysterie van de verdwenen telefoonwinkel

Van: Locatus.com, Peter Nieland

Enkele weken geleden werd ik gebeld door een oplettende journalist. Hij had het idee dat de telefoonwinkel aan het verdwijnen is: met andere woorden, dat het aantal telefoonwinkels sterk afneemt. Maar om dat echt goed te weten belde hij natuurlijk met Locatus. Mijn eerste indruk (op onderbuikgevoel) was dat het wel eens zou kunnen kloppen. Na een nadere analyse bleek dit toch anders te liggen. Maar waar komt dat gevoel dan toch vandaan?

Het aantal winkels door de jaren heen

Om te toetsen of de gedachte over minder telefoonwinkels klopt heb ik het aantal verkooppunten per jaar op een rij gezet.

In de grafiek zien we dat het aantal winkels in 2017 krap 5% gedaald is, maar dat het huidige aantal winkels vergelijkbaar is met begin 2013. Dus deze cijfers onderschrijven het gevoel van sterke daling niet. Hoe kan het dan dat we toch deze indruk hebben.

Minder zichtbaarheid van de winkels

Als we kijken naar de zichtbaarheid van telecom winkels vallen een aantal zaken op. De meeste consumenten lopen op de A1- en A2 locaties binnen een winkelgebied. Daar zien we wel degelijk een verschuiving. In 2010 waren er 570 telecomwinkels aanwezig in deze drukstbezochte gebieden. In 2017 zijn dat er nog maar 435. Dat is bijna 25% minder.

Daarnaast wordt de zichtbaarheid beïnvloed door de aanwezigheid van formules. Ook daar zien we een verschuiving. In 2010 behoorde 70% van de telecomwinkels tot een formule, terwijl dit in 2017 is gedaald naar 56%. We komen dus minder bekende beeldmerken tegen op straat en de onbekende zelfstandige telecomwinkels vallen ons veel minder op.

We zien de volgende verschuiving:

Keten Aantal 2010 Aantal 2017
PHONE HOUSE 188 91
BELCOMPANY 174  –
TELFORTELECOM 152
VODAFONE 88 199
T-MOBILE 81 120
KPN 89 104

Amsterdam Centrum als voorbeeld

Als we vervolgens naar ons grootste en bekendste winkelgebied kijken (Amsterdam Centrum), zien we een spectaculaire daling. In 2010 kon men nog naar 22 telecomwinkels in het centrum van Amsterdam en in 2017 zijn er daar nog maar 12 winkels van over. Een daling van 45% in het drukstbezochte deel van de stad, waardoor ‘we’ dus denken dat er minder telecomwinkels zijn.

Maar als we naar de gehele gemeente Amsterdam kijken, zien we dat die daling veel beperkter is: van 112 winkels in 2010 naar 100 in 2017, een daling van 11%.

Conclusie

Het gevoel klopt dus niet: de telefoonwinkels verdwijnen nog niet uit het winkellandschap. Maar er vinden wel verschuivingen plaats. Van toplocaties naar aanloopstraten, van ketens naar zelfstandigen en van verkoopwinkels naar reparatiewinkels. Dit als reactie op het koopgedrag van de consument: steeds minder vergelijkend koopgedrag bij meerdere telecomwinkels en vaker doelgericht op zoek naar dienstverlening.

Unlimited bundels veroorzaken (nog) geen aardverschuiving in NL mobiele landschap

Bron: Telecompaper, Chiel Boerrigter

Sinds begin dit jaar biedt T-Mobile een Unlimited bundel aan voor EUR 35,- waarmee de abonnee in principe onbeperkt kan bellen, sms’en en internetten in Nederland en de EU. Vanaf mei volgde Tele2 met een soortgelijke Unlimited bundel, maar dan voor EUR 25,-. In een markt waar differentiatie steeds lastiger is en waar de netwerken qua performance weinig voor elkaar onder doen, is dit de facto een bovengrens in de markt. Welke effecten van deze introducties zien we tot dusver?

Op basis van het nog te publiceren Postpaid Insights rapport zien we onderstaande ontwikkeling. Een analyse aan de hand van een viertal vragen.

1. Wat is het aandeel van Unlimited onder klanten van T-Mobile en Tele2?

Het aandeel klanten met een Unlimited bundel is bij beide aanbieders nog gering. Slechts 1 op de 20 postpaid klanten van T-Mobile heeft nu een Unlimited bundel. Bij Tele2 ligt dit percentage een fractie hoger. Hierbij moet opgemerkt worden dat in beide gevallen de Unlimited bundels pas dit jaar zijn geïntroduceerd. Veel klanten hebben vaak nog een contract voor één of twee jaar en pas na deze periode kunnen zij overstappen.

Wel zien we in de hele postpaidmarkt een verschuiving naar steeds grotere bundels. Twee jaar geleden had bijna 50 procent van alle postpaidklanten met een databundel een bundel van 500 MB of minder. Bijna driekwart van de consumenten had destijds een bundel van maximaal 1.000 MB. Inmiddels heeft nog maar een kwart van de postpaid klanten een bundel tot 500 MB en heeft bijna de helft een bundel van meer dan 1.000 MB. Een kwart van de Nederlanders met een databundel heeft inmiddels een bundel van meer dan 4.000 MB.

2. Zijn de bestedingen per klant toegenomen?

De bestedingen van T-Mobile postpaid klanten zijn licht gestegen in het afgelopen jaar, van gemiddeld 29 euro per maand naar ruim 30 euro per maand. Hier zitten echter ook kosten in voor de mobiele telefoon. Wanneer we enkel kijken naar bestedingen van SIM Only klanten, dan zien we deze stijgen van 17,50 naar ongeveer 19 euro per maand. Bij SIM Only klanten van Tele2 is tot het derde kwartaal eveneens een stijging te zien, van minder dan 15 euro per maand naar ruim 17 euro. Hiermee evenaart Tele2 het gemiddelde in de SIM-Only markt.

3. Hebben T-Mobile en Tele2 extra klanten gewonnen? Of zijn het vooral hun eigen klanten die zijn overgestapt naar de Unlimited bundels?

Het marktaandeel van T-Mobile in de postpaidmarkt is relatief stabiel en ligt rond 20 procent. Het marktaandeel van Tele2 is licht gestegen afgelopen jaar van 7 naar 8 procent. Beide providers zijn vooral populairder geworden onder Generatie Z (12-19) en Young Millennials (20-24). Van de klanten op hun Unlimited bundels was ruwweg de helft al klant.

4. Zijn er andere effecten die een rol spelen?

Er spelen dit jaar diverse andere zaken een rol die van invloed zijn op de mogelijkheid tot differentiatie en daarmee de marktaandelen, bestedingen en ontwikkeling van de databundels. We noemen er enkele:

  • Zero rating: T-Mobile voert vooralsnog als enige provider het zero-rating beleid bij muziekdiensten waar zij een contract mee hebben.
  • Wet Financieel Toezicht: verschuiving van HS naar SO markt. Door nieuwe regelgeving vanaf mei dit jaar geldt een BKR registratie bij kredietverstrekking op toestellen bij bedragen boven EUR 250,-. Dit heeft verschillende gevolgen maar het duidelijkste is dit zichtbaar bij de HS omzet van de verschillende providers. Deze is flink ingezakt. Bij Tele2 zelfs meer dan 40 procent.
  • Roam Like At Home: providers mogen geen extra kosten rekenen voor gebruik in de EU, waardoor differentiëren met buitenlandbundels lastiger is geworden.
  • Extra data bij verlengen of 4P. Bij een aantal providers krijgt de abonnee dubbele data bij verlengen van het abonnement of bij het afnemen van Thuis en Mobiel (KPN Compleet, Telfort CombiVoordeel, VodafoneZiggo)

Wordt vervolgd

De Unlimited bundels hebben nog niet voor een aardverschuiving in het Nederlandse mobiele landschap gezorgd. Ook omdat een deel van de klanten nog vastzit in zijn of haar contract. Wel is er een duidelijke trend waarneembaar naar flink grotere databundels de laatste twee jaar. Zestig% van de twintigers heeft inmiddels een databundel van meer dan 2.000 MB. Er is een kleine toename in de bestedingen zichtbaar onder SIM-Only klanten van T-Mobile en Tele2. We zullen deze ontwikkelingen over een half jaar, als de eenjarige abonnementen die nog liepen – ten tijde van de introducties van de Unlimited bundels – verlopen zijn, nogmaals onder de loep nemen.

Dit artikel is een opinie van Telecompaper.